Donderdag 20 februari 2014 – Wintersport

Met de wintersport in het vooruitzicht komen er allerlei herinneringen boven. Vier jaar geleden beleefde ik nu de laatste zorgeloze weken van mijn leven. De laatste weken waarin kanker nog een ver van mijn bed show was. De laatste weken waarin ik me nog gezond waande. De wintersport eind februari 2010 was fantastisch, wat heb ik daar fijne herinneringen aan. Drie weken later lag ik op de Intensive Care. Nog steeds kan ik niet bevatten hoe dat mogelijk is geweest. De herinneringen aan die wintersport zijn extra sterk, omdat we dit jaar weer teruggaan naar hetzelfde skigebied. We gingen daar al negen jaar lang naartoe, alleen vorig jaar zijn we ergens anders geweest. Maar nu gaan we met z’n negenen weer terug naar ons vertrouwde stekkie. Ik was daar voor het laatst toen ik leukemie had en dat nog niet wist. Ik kreeg blauwe plekken van een paar enorme valpartijen, omdat ik ’s middags moe was en continu viel. Iets wat ik uiterst frustrerend vond en ook niet begreep. Maar dat ik blauwe plekken kreeg van die klappers vond ik niet gek. Achteraf bleek dat ik toen al een laag Hb moet hebben gehad. Verder was er weinig aan me te merken. Maar die blauwe plekken van toen herinnert iedereen zich nog.

Dit jaar gaan we weer terug naar de familie R. die het Gasthof runt waar wij tot nu toe steeds verbleven. Een gezellig hotelletje waar een blind paard geen schade kan aanrichten. Heerlijk kneuterig en gezellig, wat wil je nog meer? Precies zoals je het verwacht bij een wintersportvakantie. Om maar een idee te geven: het dorpje is zo klein dat de chauffeur van de skibus ook achter de kassa zit bij de Spar, en tevens eigenaar is van de plaatselijke schietvereniging.

Mijn leukste wintersportherinnering gaat negen jaar terug, toen ik 16 was en besloot te gaan snowboarden. Skiën vond ik van het ene op het andere moment niet meer leuk. Ik koos voor snowboarden omdat er weinig andere opties waren. Ik had er mijn twijfels bij of ik het leuk zou vinden, maar besloot het een kans te geven. Die week was de leukste wintersport ooit. Misschien ook wel een beetje dankzij mijn o zo leuke snowboardleraar Rudy, een Nederlandse jongen van (toen) 23. Maar goed, dat terzijde.
Ik herinner me nog zo goed die eerste piste. Ik heb er een half uur over gedaan, minimaal. Na elke twee meter viel ik weer. Het leek echt onbegonnen werk. Maar goed, ik gaf niet op. Vooralsnog mocht ik steeds met mijn snowboardleraar in de sleeplift, want ja, ik kon het nog niet zo goed…

Op de laatste dag zou ik met mijn familie meegaan, maar mijn snowboardgroepje en ik hadden het zo leuk met elkaar, dat ik met hen meeging. Ondanks dat er een slalom op het programma stond. Ik zei nog tegen Rudy dat ik dat serieus niet kon. “Jawel, dat kan jij wel,” was zijn antwoord. Eigenlijk had ik het natuurlijk nooit moeten doen, maar iedereen ging, dus ik ook.
Vraag me niet hoe vaak ik ben gevallen tijdens mijn dodenrit om de vlaggetjes heen, maar de afgang was onnoemelijk groot. Ik werd aangemoedigd door onbekende toeschouwers die mij waarschijnlijk het gevoel wilden geven dat mijn gestuntel nog ergens op leek. En dan last but not least: er was gezegd dat ik aan het einde tússen de vlaggetjes door moest om de finish te halen, anders telde het niet. Hoe moeilijk kan dat nou zijn? Maar wat denk je, ik zag maar één vlaggetje… Geen idee wat ik in die ene paniekerige seconde precies besloot, maar het was niet goed. Ik heb de hele tijdmeter omver gereden. Ja, echt.
Wat ik me nog herinner zijn een vloekende Oostenrijker die boos naar de tijdmeter in de sneeuw zocht, en een Rudy die -terwijl hij mijn snowboard losmaakte zodat ik kon ontsnappen- zei: “Ah joh, dit gebeurt iedereen.”

Sindsdien heb ik nooit meer een slalom gereden. Maar het heeft wel een grappige herinnering opgeleverd. Die avond hebben mijn snowboardgroepje, Rudy en ik in de plaatselijke kroeg afgesproken om de week af te sluiten. We hebben heel hard meegezongen met het liedje ‘Who the F is Alice?’ dat gedraaid werd. Het is een parodie op het originele nummer ‘Living next door to Alice’ van Smokie. Als ik het nummer hoor, doet het me nog altijd denken aan die leuke wintersport met die verschrikkelijke slalom. Maar mijn enthousiasme voor snowboarden is er wel geboren.

Dit bericht is geplaatst in Zonder categorie. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *